Het brein en de emotionele intelligentie – Daniel Goleman

0 Flares Twitter 0 Facebook 0 Google+ 0 LinkedIn 0 Email -- 0 Flares ×
  1. Inleiding

Goleman’s eerste vermoeden dat IQ (verbale, mathematische en ruimtelijke intelligentie ook wel cognitieve vaardigheden genoemd) op zich misschien niet al het succes van in een loopbaan kon verklaren kwam bij hem op tijdens zijn eerste jaar als student. In zijn studentenhuis was een medestudent met uitzonderlijk hoge scores op zijn toelatingstest. Vanuit academisch gezichtspunt was hij briljant.

Maar hij had een probleem: hij was volstrekt niet gemotiveerd en deed acht jaar over zijn bachelorstudie. En hij is nu werkzaam als consultant: hij is geen toppresteerder, geen uitblinkende leider. Goleman zag in dat het hem ontbrak aan enkele belangrijke vaardigheden op het gebied van emotionele intelligentie (EI), met name zelfbeheersing.

  1. Emotionele intelligentie en de hersens.

Er zijn specifieke circuits voor emotionele intelligentie vastgesteld door Reuven Bar-On. Er zijn verschillende hersengebieden voor de uitoefening van emotionele en sociale intelligentie. Duidelijk is dat EI berust op een ander hersengebied dan IQ.

Er zijn vier gebieden in de hersenen aan te wijzen die betrekking op EI hebben:

  • Rechter amygdala. Patiënten met een beschadiging hier laten een verlies van emotioneel zelfbewustzijn zien: het vermogen je bewust te zijn van je eigen gevoelens en ze te begrijpen.
  • Rechter somato-sensortische cortex. Beschadiging in dit gebied leidt tot aantasting van zelfbewustzijn en van empathie: de gewaarwording van emoties bij andere mensen.
  • Anterieure cingulaire corte Deze is verantwoordelijk voor impulsbeheersing, het vermogen onze emoties en met name verontrustende en sterke emoties te hanteren.
  • Orbitofrontale/ventromediale cortex. Draagt zorg voor de vermogens om persoonlijke en interpersoonlijke op te lossen, onze impulsen in banen te leiden, onze gevoelens effectief uit te drukken en goede betrekkingen met anderen te onderhouden.

De crux is het onderscheid te maken tussen de denkende hersenen (neocortex) en de subcorticale hersenen. Damasio zegt dat wij gevoelens over onze gedachten moeten hebben om tot een goed besluit te komen.  Voorbeeld: bij een jurist met hersenbeschadiging bleek dat hij moeite had om een afspraak te maken. Hij kan rationeel diverse tijdstippen noemen, maar geen keuze maken.

Volgens Damasio wordt een gedachte door de emotionele centra direct gewaardeerd als positief of negatief. Daarnaast is al onze levenswijsheid opgeslagen in onze primitieve circuits. Ons onderbuikgevoel moeten wij dan ook meewegen, naast andere rationele informatie. Sterker nog: veel heel succesvolle ondernemers  laten het buikgevoel dan overheersen.

  1. De vier generieke domeinen van emotionele intelligentie

De vier generieke domeinen van emotionele intelligentie

 

 

 

 

 

 

 

De twee linkerkwadranten gaan over het zelf: zelfbewustzijn en zelfregulering. Dit zijn de basiselementen van zelfbeheersing; je bewust zijn van je innerlijke toestanden en het hanteren van deze toestanden. Beheersing over deze vaardigheidsgebieden stelt je in staat op willekeurig welk gebied uit te blinken en in het bedrijfleven een superieure bijdrage of een uitzonderlijke prestatie te leveren. Competenties als het hanteren van emoties, een gerichtheid op het bereiken van doelen, aanpassingsvermogen en initiatief, berusten op emotionele zelfregulering.

Zelfregulering van emoties en impulsen berust grotendeels op de interactie tussen de prefrontale cortex- het uitvoerende hersencentrum- en de emotionele centra in de middenhersenen, die samenkomen in de amygdala. De amygdala geeft de aanzet tot emotioneel ongemak, woede, impulsiviteit, angst en dergelijke.  Wanneer dit circuit het overneemt, treedt het op als slechte raadgever die ons op het spoor zet van handelen die we later kunnen betreuren. Meestal kunnen wij zelf niet uitmaken welke emoties we gaan voelen, wanneer we ze zullen voelen of hoe sterk we ze zullen voelen. Ze dienen zich ongevraagd aan.  We hebben op iets te kiezen als we een bepaald gevoel hebben gekregen.

De amygdala neemt, als hij een dreiging waarneemt, het gezag over van ons denken, hij kaapt onze denken. We komen in een klassieke vecht- of vluchtreactie. De amygdala maakt vaak fouten, omdat hij de gegevens slecht over één zenuwstelsel binnenkrijgt, iets wat in hersentijd supersnel is, maar dat hij slechts een fractie van de signalen uit deze zintuigen ontvangt.  Hij krijgt een wazig beeld en moet daarop direct reageren (“ een stok die op een slang lijkt”). Hij maakt vaak fouten, vooral in het moderne leven, waarin de ‘gevaren’  doorgaans symbolisch zijn i.p.v. fysieke bedreigingen.

Dit is de top vijf situaties op het werk die de amygdala activeren:

  1. Neerbuigend behandeld worden en gebrek aan respect;
  2. Oneerlijk behandeld worden;
  3. Niet gewaardeerd voelen;
  4. Gevoel dat er niet naar je geluisterd wordt of dat je niet wordt gehoord;
  5. Onderworpen worden aan onhaalbare deadline.

Hoe kunnen wij de ‘kapingen’ van de amygdala terugdringen?  Door aandacht te schenken wat er in je eigen geest omgaat en vaststellen dat je overreageert, of behoorlijk van streek bent of dreigt te worden. Een kaping is makkelijker te omzeilen wanneer die zich niet volledig ontwikkeld heeft. Het beste is om hem direct bij de aanzet de kop in te drukken. Want een kaping kan in duur uiteenlopen van enkele seconden tot enkele weken. En kan overgaan in depressie, angststoornis en posttraumatische stressstoornis.

Er zijn diverse manieren om je uit de ‘kaping’ te bevrijden:

  • Cognitief:
    • eruit redeneren (valt wel mee, hij is ook weleesn aardig)
    • empathie (hij stond ook onder zware druk)
  • Biologisch
    • meditatie en ontspanning (grondig doen)
  1. Stress en hersenstijlen

Er zijn drie hersenstijlen:

  1. hoe makkelijk raken we van streek. Deze stijl onderscheidt mensen die gemakkelijk van streek raken of gefrustreerd of boos worden van mensen die onverstoorbaar zijn.
  2. Hoe snel we ons uit narigheid herstellen. De grootste traagheid zit bij mensen die veel piekeren, zorgen maken. Chronische bezorgdheid houdt de amygdala waakzaam!
  3. Hoe diep mensen iets voelen. Mensen met sterkere gevoelens zijn misschien beter in staat om authentieker en krachtiger te communiceren, en mensen in beweging te brengen.

Mensen die in het leven er goed van afbrengen, die vervullende relaties en lonend werk hebben, en het gevoel hebben dat hun leven zin heeft- maken tenminste drie positieve ervaringen door tegenover elke negatieve ervaring.

Wek daarom positieve emoties op door ‘nietsdoen’, de tijd nemen voor de douche, wandelen, je hond uitlaten e.d. Een andere strategie is mindfulness.

Mindfulness is gelijkmatig aanwezig te zijn bij je ervaring van het moment, zonder de gedachten of gevoelens die bij je opkomen te beoordelen of erop te reageren.

Concentratie heeft een heilzame werking op stress. En hoe vaker we worden afgeleid, hoe minder effectief we worden (storing van onze concentratie).

  1. Motivatie

Howard Garner heeft geschreven over wat hij ‘goed werk’ noemt, een combinatie van uitblinken, waarbij werk kiest dat een beroep doet op je beste talenten; van betrokkenheid, waarbj je enthousiast en energiek bent en je werk met leifde doet; en van ethiek, waarbij je werk is afgestemd op de doelen die je voor ogen staan om een zinvol leven te leiden.

McClellend stelt drie belangrijke motieven voor motivatie:

  • behoefte aan macht, in de zin van beïnvloeden van mensen:
    • zelfzuchtige macht (bv narcisme)
    • weldadige macht (macht voor het welzijn van anderen);
  • behoefte aan verwantschap (samen dingen doen met mensen waarop je gesteld bent);
  • behoefte om te presteren, en zinvol doel te halen. Hoog prestatiegemotiveerde mensen streven voortdurend naar verbetering en zijn onvermoeibaar leergierig. Dat kan ook een schaduwzijde hebben, sommige raken verslaafd aan het werk en verwaarlozen andere levensgebieden. Maar het zijn ook succesvolle ondernemers zoals Sergei Brin van ‘google’.
  1. De sociale hersenen

  • De sociale hersenen omvatten en groot aantal circuits die allemaal zijn ontworpen voor afstemming op en interactie met de hersenen van iemand anders. Één belangrijke ontdekking betrof ‘spiegelneuronen’, die werkzaam zijn als een soort neurale wifi om de hersenen van mensen met elkaar te verbinden.
  • Negatieve feedback die warm, positief en optimistisch werd gepresenteerd voelt veel prettiger dan positieve feedback die op een kille, kritische en veroordelende toon werd gegeven!
  • Emotionele besmetting zoals optimisme, negativisme etc verloopt van persoon tot persoon en verloopt, automatisch, onmiddelijk, onbewust en buiten onze beheersing om!
  • De fysiologie van de afstemming;
    • beide moeten hun aandacht volledig op de ander richten;
    • non-verbale afstemming (‘bewegingen als in een dans’);
    • positief gevoel, een soort flow, interpersoonlijke chemie, gelijkgestemdheid.
  • Wanneer je fysiologie in de pas loopt met de ander dan voel je je verbonden, vertrouwd en warm. We voelen ons prettig en op ons gemak.
  • De natuur heeft de sociale hersenen ontworpen voor direct contact tussen mensen en niet voor de online wereld. We sturen mails zonder deze sociaal af te stemmen zoals je wel doet in direct contact of via de telefoon. Er is geen plek voor alle non-verbale aanwijzingen: gezichtsuitdrukkingen, spreektoon, gebaren en dergelijk.
  • Bij e-mail is sprake van negatieve vertekening: als jij denkt een positieve mail te sturen dan beschouwt de ander het als neutraal. Als jij een neutrale mail stuurt dan is die eerder lichtelijk negatief voor de ander. De grote uitzondering is als je iemand heel goed kent.
  1. Empathie

Empathie is de onmisbare bouwsteen voor medeleven. We moeten aanvoelen wat anderen doormaken, wat ze voelen, om een medegevoel met hen en bij onszelf op te wekken. Er is een spectrum dat loopt van totale zelfbetrokkenheid (waarbij we andere mensen niet eens opmerken), via hen wel opmerken en een begin van afstemming maken, tot een emptatisch begrip van hun behoeften en  empathische betrokkenheid- leidend tot handelen uit medegevoel, waarbij we anderen te hulp schieten.

Er zijn drie soorten empathie:

  • Cognitieve empathie. Dat ik weet hoe jij tegen dingen aankijkt en dat ik jouw gezichtspunt kan innemen. Managers die sterk zijn in dit soort empathie kunnen medewerkers boven verwachting laten presteren omdat ze dingen zo kunnen formuleren dat andere mensen het begrijpen- en dit motiveert hen.
  • Emotionele empathie. Ik voel met je mee. Dit is de basis voor contact en chemie. Mensen die uitblinken in emotionele empathie zijn goede adviseurs, leraren en groepsleiders, en goed in de omgang met klanten, vanwege het vermogen om direct te voelen hoe andere mensen reageren.
  • Empathische betrokkenheid. Ik voel aan dat je hulp nodig hebt en stel me spontaan voor om die te geven. Ze geven uit vrije wil hulp wanneer daar behoefte aan is.

Singer beschouwt de rol van de insula als bepalend voor empathie. Deze registreert signalen uit ons hele lichaam. Wanneer we ons in iemand inleven dan bootsen onze spiegelneuronen de toestand van die persoon na. Paul Ekman, de wereldwijde expert op het punt van gezichtsuitdrukkingen van emoties, is de wetenschapper op wie het programma Lie to me is gebaseerd.

Om je cognitieve empathie te vergroten is de aanbevolen benadering feedback krijgen over wat de ander feitelijk denkt, teneinde je eigen intuïtie te verifieren of te corrigeren.

  1. Neuroplasticiteit en veranderen

Dit is het idee dat onze hersenen zich voortdurend aanpassen aan onze ervaring.  Het is in ieder geval een mythe dat we hersencellen verliezen naarmate we ouder worden. Gedrag veranderen is aan de aan de andere kant nog niet zo makkelijk.  Het verkeerde doen is een gewoonte die je op Olypisch niveau beheerst:  je het het al zo vaak gedaan, het is geautomatiseerd. Pak het daarom niet te groot aan, pak je doel op een specifiek gedrag.  Maak het concreet zodat je precies weet wat je moet doen en wanneer.  Je maakt met nieuw gedrag nieuw circuits aan! Hoe meer je hem oefent des te beter. Daarbij, mentaal repeteren activeert dezelfde circuits als de eigenlijke handeling!

  1. Optimaal presteren (flow)

Over de hele wereld wemelt het van werkomgevingen waar de mensen zijn weggezakt in onverschilligheid. Betrokken medewerkers zijn productieve, schenken meer aandacht an klanten en zijn loyaler aan de organisatie.

Yerkes-Dodson-wet geeft drie toestanden aan: onverschilligheid, flow en uitputting.   Uitdagingen, gemotiveerd raken om doelen te bereiken, een beroep dat op je gedaan wrdt je beste beentje voor te zette, of de race van een team om een deadline te halen- richten onze aandacht en onze beste krachten op de taak die moet worden vervuld. Goede stress maakt ons betrokken, enthousiast en gemotiveerd en mobiliseert  net genoeg vande stresshormomen cortisol en adrealine- om het werk effectief te doen. Goede stress activeert juist hun weldadige uitwerking.

De voornaamste kenmerken van flow zijn gespannen, onverstoorbare concentratie, flexibiliteit bij het reageren op wisselende uitdagingen, functioneren op de toppen van je vermogens en plezier waar je mee bezig bent- regelrechte vreugde. Aandacht (concentratie) op zich is al een manier om in flow te komen.

Harry Donker

Harry Donker

Harry Donker heeft 15 artikelen geschreven.

Opleidingsmanager Commerciële Economie bij de Hogeschool Windesheim te Zwolle sinds 2007 en voorzitter van het landelijk overleg CE. Verantwoordelijk voor de minor Sales & Accountmanagement. Tot 2004 meer dan 25 jaar gewerkt in de Marketing, Management en Sales bij o.a. LIGA, LU, de Beukelaer, Storck BV, Royal Talens B.V en Friesche vlag. Marketing Nima C en Master of Education zijn de hoogst genoten opleidingen.

(0/5)0
0 Flares Twitter 0 Facebook 0 Google+ 0 LinkedIn 0 Email -- 0 Flares ×

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *